Archief van de maand: augustus, 2026

22e Zondag door het jaar

22e Zondag door het jaar
Jeremia 20,7-9; Matteüs 16,21-27.

 


VOLGELING ZIJN

De uitnodiging van het evangelie
liegt er niet om.
Volgeling zijn is je kruis opnemen,
jezelf durven verliezen.
Het is gaan in het voetspoor
van onze grote Voorganger.
Hij werkte niet voor eigen eer,
maar om mensen op te beuren.
Hij gaf zijn eigen leven
om het door te geven aan anderen.
Hij deed ons voor
hoe we heilige plekken kunnen creëren:
plaatsen waar in Gods naam
geluk en vrede waar worden.
Hij gaf aan mensen een goede naam,
een nieuw gezicht, een open toekomst.
Hij wees mensen de goede richting:
de weg van liefde en recht,
van Godsvertrouwen
en trouw aan mensen.

Als kerk-ter-plaatse,
als mensen van onze tijd,
worden wij uitgedaagd
om plekken van heil te stichten,
om bronnen van geluk aan te boren.
Het is ons een taak
om een levende kerk te vormen:
een plaats van solidariteit,
van gedeelde inspiratie;
een plaats waar het leven wordt gevierd
in verbondenheid met God en elkaar.
Elk jaar, elke dag, is een uitnodiging
om de handen ineen te slaan
om volop te leven en leven te geven.

Wim Holterman osfs

21e Zondag door het jaar

21e Zondag door het jaar
Jesaja 22,19-23; Matteüs 16,13-20.

WIE IS HIJ?

Het is een indringende vraag.
Je kunt er niet om heen.
Je kunt het niet afdoen
met wat namen van groten
uit het verleden.
Wie zeg jìj dat ik ben?
Het is een vraag
naar je diepste geloven.
Je kunt alleen maar
je eigen antwoord geven.
Petrus erkent in Jezus
de langverwachte Messias.
Zijn leven is door Hem
totaal verandert.
Met vallen en opstaan
blijft hij Hem volgen.
Hij spreekt zijn volste vertrouwen
uit in de man van Nazareth.
Zijn weg betekent voor hem leven.
Jezus beantwoordt zijn geloven
met zijn vertrouwen uit te spreken
in Petrus: een rots in de branding.

Wie is Jezus voor ons, voor u en voor mij?
Kan Hij op ons verder bouwen?
Het antwoord op deze vragen
kunnen we alleen zelf geven.
Het veronderstelt een gelovig vertrouwen
en de bereidheid om volgeling te worden.
Het antwoord mag blijken
uit onze woorden en daden.

Wim Holterman osfs

 

20e Zondag door het jaar

20e Zondag door het jaar
Jesaja 56,1.6-7; Matteüs 15,21-28.

 


OMZIEN NAAR MENSEN

Leven is soms bedreigend.
Vreemde mensen, andere gewoontes:
ze maken ons bang.
We hebben onze eigen manier van leven,
onze eigen traditie, onze eigen wetten.
Daarbinnen voelen we ons veilig.
We hebben er onze eigen plaats.
Traditie en gewoonterecht
kunnen ook beknellen.
Openheid naar anderen
kan er door in gevaar komen.
Eigenbelang en eigengereidheid
kunnen daardoor hoogtij vieren.
Wanneer we omzien naar mensen,
wanneer we ons door hen laten raken,
dan ontstaat er nieuwe ruimte.
De vreugde en het verdriet,
de zorgen en de blijdschap van anderen,
kunnen ons leven veranderen.
Omzien naar mensen
doet ons omkeren.
Het maakt andere mensen van ons.
Er komt tijd en ruimte vrij
waardoor de ander en ook wijzelf
nieuw en bevrijdend kunnen leven.
Als we met de ogen van ons hart
naar anderen omzien,
dan verleggen we grenzen
van onszelf naar anderen.
Daardoor mogen we ons voelen
als broers en zussen,
als kinderen van één en dezelfde God.
Omzien naar mensen
brengt Hem aan het licht.

Wim Holterman osfs

 

19e Zondag door het jaar

19e Zondag door het jaar
Koningen 19,9a.11-13a; Matteüs 14,22-33.

GROND ONDER JE VOETEN

Geloven is niet altijd gemakkelijk.
We zijn op zoek naar zekerheden,
maar vinden geen doorzichtige bewijzen.
Het leven stelt ons veel vragen,
maar pasklare antwoorden zijn er weinig.
Soms stormt het in ons leven
en worden we heen en weer geslagen.
We dreigen kopje onder te gaan,
we hebben geen grond om op te staan.

Een mens kan niet volop leven,
als er niet iemand is,
die een handreiking wil zijn;
iemand die meegaat en meedraagt.
Zonder iemand die ons op handen draagt,
wordt het leven leeg en bedreigend.
Ons leven is als een gaan-over-water.
Zonder vertrouwen in anderen, in de Ander,
worden we een speelbal voor de golven.
Een tijdlang kunnen we ons wel
vasthouden aan schijnzekerheden.
Maar op beslissende momenten
gaan we ten onder,
omdat perspectief en geborgenheid ontbreken.

God laat zich aan ons zien,
als een meelevende en meelijdende God.
Hij is als een oergrond, een dragende kracht.
In vreugde en pijn, in zorgen en optimisme
maakt Hij zijn naam waar: Ik ben er ook nog.
Vertrouwen in Hem geeft vaste grond,
waarop we bevrijd en bevrijdend
kunnen gaan en staan.

Wim Holterman osfs

Foto van de maand

Zomerbloeier

Foto: Riky van de Vossenberg

18e Zondag door het jaar

18e Zondag door het jaar
Jesaja 55,1-3; Matteüs 14,13-21.

DROMEN VAN OVERVLOED

Vijf broden en twee vissen
zijn voldoende voor een massa mensen.
Waar leven delen wordt,
daar is er genoeg voor iedereen.
Dat is de droom van Jezus,
die wij tot de onze mogen maken.
Niet hebben en houden,
maar breken en delen,
maakt het leven goed.
Wie geeft van wat hij heeft,
is waard dat hij leeft.

Wij mogen de droom van Jezus
levend houden en waar maken.
We worden uitgenodigd
om te geven van ons geld en goed,
van onze liefde en vrede.
Een luisterend hart,
een bemoedigende handreiking,
een welwillende oogopslag:
er is zoveel om van te delen.
Waar wij delend en gevend leven,
daar komt er overvloed.
Er ontstaat nieuwe ruimte
voor een hemel op aarde.
Gedeeld leven is volop leven.

Wim Holterman osfs

17e Zondag door het jaar

17e Zondag door het jaar
Koningen 3,5.7-12; Matteüs 13,44-52 of 44-46.

SCHATGRAVEN

Wat kostbaar is in onze ogen,
komt niet meteen aan het licht.
Soms wordt het zicht daarop belemmerd
door wat meer voor de hand ligt.
We worden verblind door de glans
en de schittering van luxe welvaart.
Wat echt kostbaar en belangrijk is,
is vaak bedolven onder de ballast
van ogenschijnlijke waarden.
Echt belangrijk is onze betekenis
voor anderen, voor de Ander.
Vriendschap en liefde,
gedeeld leven en samen gedragen pijn:
zij geven echte glans aan het leven.
Ons leven is kostbaar en waardevol
naarmate mensen iets om ons geven.
Maar ook omgekeerd:
wij worden meer mens naarmate
we iets voor anderen betekenen.
In ieder van ons zijn schatten begraven,
die opgedolven mogen worden.
Schatten van goedheid en geduld,
van geborgenheid geven en ontvangen.
Misschien is God wel de grootste schat,
als Hij diep in ons tot leven komt.
Zijn naam is toch: Ik ben er voor jou.
Hij geeft om veel om ons.
Hij daagt ook uit
om er te zijn voor anderen, voor Hem.
We mogen Hem opdelven in ons leven,
aanhoudend en eens voorgoed.

Wim Holterman osfs

 

16e Zondag door het jaar

16e Zondag door het jaar
Wijsheid 12,13.16-19; Matteüs 13,24-43 of 24-30.

 

WAT EEN GELUK

Het evangelie heeft een verrassende boodschap.
We worden aangesproken op het goede
dat in ieder van ons leeft.
We worden bevestigd in onze mogelijkheden.
Onze goede eigenschappen, onze inzet
en onze wens om in vrede met elkaar te leven
moeten alle kansen krijgen.
We worden niet vastgepind op onze onmacht,
op ons onvermogen om lief te hebben.
We worden niet veroordeeld om onze nalatigheid,
maar gestuwd om het goede te laten uitgroeien.

Staat dit niet haaks op onze levenswijze?
We staan gauw klaar met ons oordeel.
We hebben een scherp oog voor wat verkeerd is.
Daardoor raken we soms verblind
om het goede in de ander te zien.
Soms zijn we echte zwartkijkers,
die geen licht meer kunnen ontdekken.

Wat een geluk hebben we dan
als iemand ons wijst op het goede in ons.
Dat geeft nieuwe ruimte en bevrijding.
Het werkt als een extra stimulans
om de weg van het goede te vervolgen.
Wat een geluk hebben we,
dat de Heer van de akker
alle geduld met ons heeft.
Hij geeft telkens weer nieuwe kansen
en daagt ons uit om geduld te hebben
met elkaar, zodat het goede kan uitgroeien.

Wim Holterman osfs