Archief van jaar: 2026

Heilige Drie eenheid

Heilige Drie-eenheid
Exodus 34,4b-6.8-9; Johannes 3,16-18

DRIE-ENE GOD

Onze God heeft vele gezichten.
Soms is Hij meedogenloos;
dan weer een sterke bevrijder.
Hij is een meegaande God,
maar soms ook de grote afwezige.
Hij is er met name,
als mensen gevangen zijn
in hun menselijk bestaan.
Hij ziet onze pijn aan
en is nabij in pijn en lijden.

God laat zich aan ons zien
als een Vader of Moeder.
Hij is een en al zorg.
Hij wijst juiste wegen
en is trouw aan mensen.
Hij staat aan de oorsprong
van het leven van mens en wereld.
Hij is er ook,
als het leven een eind neemt.

God laat zich zien
als een Zoon van mensen:
en is trouw aan mensen.
Hij staat aan de oorsprong
van het leven van mens en wereld.
Hij is er ook,
als het leven een eind neemt.

God laat zich zien
als een Zoon van mensen:
begaan met het lijden van zovelen.
Hij ziet ons aan
door de ogen van allen
voor wie leven pijn en zorg is.
Hij lijdt mee en klaagt
begaan met het lijden van zovelen.
Hij ziet ons aan
door de ogen van allen
voor wie leven pijn en zorg is.
Hij lijdt mee en klaagt
het onrecht in onze wereld aan.

God laat zich aan ons zien
als Geest, als liefde
die brandt in mensen.
Hij is een bron van energie
en drijft mensen aan.
Hij geeft leven en adem
waar mensen verstikt raken.

God heeft meerdere gezichten.
Hij is een levend gebeuren,
die oplicht in ons bestaan.
Hij is een God van mensen
met namen van toen,
maar ook van vandaag
en van de toekomst.

Wim Holterman osfs

Salesiaans Contact mei 2026

“Een nieuwe lente, een nieuw geluid”. Met deze woorden bied ik u graag weer een nieuw Salesiaans Contact aan. Wil Vos laat ons meegenieten van haar ‘gouden dag’. Verfrissend en optimistisch, Frans van Sales waardig. Astrid van Engeland deelt met ons van haar pastorale ervaringen. Eenvoudig maar rijk. Geniet ervan op een stil moment.
Een hartelijke Salesiaanse groet namens de redactie,

Wim Holterman osfs

EN DE KLEUR IS………..                                             

Ik voel mij een rijk mens! Op deze prachtige 2de mei ben ik een dagje uit met mijzelf. Niet naar een drukbezocht toeristisch gebeuren. Gewoon een tochtje op mijn fiets door de prachtige omgeving van ons dorp Eemnes. Water en brood in de fietstas en wat geniet ik! Allereerst van de bermen die, zover als mijn ogen reiken, geel kleuren met koolzaad. Ik word altijd zo blij van gele bloemen! Zelfs op sombere, grauwe dagen laten zij de zon schijnen. Koeien lopen al in de wei, lammetjes huppelen overal in het rond. Een meerkoetenpaartje durft het aan om met hun nog zeer prille kroost de beschutting van het riet van de Vaart te verlaten. Riet, waarin karekieten hun karakteristieke lied laten horen, terwijl ze acrobatisch meebewegen met de rietstengel waaraan ze zich hebben vastgeklampt. In het jachthaventje bij de Sluis heerst een vrolijke bedrijvigheid. En dat alles omgeven met de zinnenstrelende geur van het eerste pas gemaaide gras en van bloeiende meidoorns, die her en der in het landschap staan.

Nu zit ik even op een bankje, te midden van een zee van gele paardenbloemen. Elke bloem een wonder van de natuur op zich, bestaande uit wel meer dan 100-200 afzonderlijke bloempjes, die elk hun eigen nectar en stuifmeel hebben, waar insecten dol op zijn. Wat een weelde! Dan ineens breekt er tumult uit in de lucht: een grutto gaat ter bescherming van haar kuikens de strijd aan met een kraai. Ja, ook in de natuur gaat het er niet altijd vreedzaam aan toe. Daar is het “eten en gegeten worden”, waardoor er nogal eens strijd wordt geleverd. Kennelijk is ook dieren niets menselijks vreemd. Maar waar het er in de dierenwereld meestal puur om gaat te overleven (wolven en vossen daargelaten), raakt onze mensenwereld meer en meer in de ban van geld, hebzucht en macht. Een werkelijkheid die met de dag grimmiger, gewelddadiger en onberekenbaarder wordt. Mensenlevens doen er niet meer toe en ontelbaren zijn daar de dupe van. Zo is het nu en zo was het 400 jaar geleden, in de tijd van Franciscus van Sales ook al. Van alle oorlogen, revoluties en ruzies die sindsdien wereldwijd uitgevochten zijn lijken de lessen nog altijd niet geleerd.
“Dit nooit meer”, klonk het menigmaal en toch! De wereldorde wordt momenteel bepaald door een aantal rijke machthebbers die nooit genoeg lijken te hebben, die geen oog hebben voor het feit, dat ze ontelbare mensen beroven van hun dierbaren, hun thuis, hun bezittingen, beroven van een menswaardig bestaan, van hun vrijheid, van hun leven! Leiders, die geen oog hebben voor de noden van mensen maar die uit zijn op eigenbelang en totale vernietiging van alles wat daartoe in de weg staat.
Frans keek scherp in zijn tijd en had wel oog voor mensen. Zo zag Hij o.a. hoe zij menigmaal worstelden om het hoofd boven water te houden. Ja, ook Hij was van rijke afkomst en verkeerde vaak tussen de rijke adel. Rijkdom op zich is volgens hem dan ook niet verkeerd, maar het gaat erom hoe je ermee omgaat. Zelf deelde Hij rijkelijk uit van wat Hij bezat aan diegenen, die zelf niets hadden.
Afgelopen woensdag tijdens onze kringbijeenkomst hebben wij met elkaar aan de hand van het boekje van Pater Willem Spann osfs, “Op weg naar een evenwichtig leven”, o.a. hierover met elkaar van gedachten gewisseld. In dit boekje tracht Willem het gedachtengoed van Franciscus van Sales wat meer naar deze tijd te brengen. Frans heeft in zijn “Philothea” een drietal hoofdstukken gewijd aan armoede en rijkdom. (deel lll, hfdst. 14-16). Zo waarschuwt Hij ons niet vergiftigd te raken door rijkdom, je zinnen niet te zetten op het bezit van anderen en niet te treuren om verloren rijkdom. Hij bekrachtigt dit met deze uitspraak:

 “VERLANG NIET MET HART EN ZIEL NAAR IETS DAT JE NIET BEZIT.
HECHT JE HART NIET AAN IETS WAT JE WEL BEZIT.
TREUR NIET OM WAT JE VERLIEST”

Een uitspraak die, wat mij betreft, het verdient om op billboards overal in de wereld in alle talen verspreid te worden! Ooit werd Saulus bekeerd van zijn heilloze weg van dood en verderf. Wat een zegen zou het zijn, als ook de wolven onder onze leiders op een ander spoor werden gezet! Het proberen waard, of denk ik in al mijn onmacht nu te eenvoudig?
Met bovenstaande uitspraak van Franciscus nog in mijn hoofd zat ik donderdagavond in het theater bij de musical “Bij ons in de Jordaan”. Een humorvol, maar tevens aangrijpend verhaal over armoede en rijkdom in deze Amsterdamse volksbuurt, dat zich afspeelt van mei 1945 tot nu toe. Een verhaal over mensen die tijdens en na de tweede wereldoorlog aan alles gebrek hadden, geliefden verloren, verbitterd raakten en vervolgens ook nog eens worstelden met veranderingen. Mensen die toe moesten zien, hoe slechts de allerrijksten zich uiteindelijk nog een woning konden veroorloven in hun Jordaan. Maar die elkaar niet loslieten, die rijk waren in humor, liefde, vriendschap en solidariteit, waardoor ze met een enorm doorzettingsvermogen uiteindelijk toch nieuw leven mogelijk wisten te maken voor elkaar. Een rijkdom, die ik ieder van ons van harte toewens, vooral ook onze “wereldleiders”!
Intussen is mijn brood op en mijn waterfles leeg. Tijd om mijn weg te vervolgen. Er is een spreekwoord dat zegt: “Prijs de dag niet voordat het avond is”. Gisteren werd via de radio voor vandaag “Code Geel” afgegeven, maar tot nu toe is het voor mij een Gouden dag. Het geestelijke boeket van mijn overpeinzingen is vandaag, hoe kan het ook anders, geel van kleur. Als afsluiting wil ik het hierbij graag aan u allen aanbieden. Daarbij de wens dat het, hoe uw omstandigheden ook mogen zijn, wat zonneschijn mag brengen in uw dagelijkse bestaan. Vrede en alle goeds vanuit onze Polder!

Wil Vos-Post

God blijft een mysterie

In een verpleeghuis ontmoette ik een diepgelovige vrouw met wie ik regelmatig sprak over de betekenis van God in haar leven. Ze was al ver in de negentig. Door ervaring was ze wijs geworden. Van drie van haar kinderen had ze al afscheid moeten nemen. Veel ontwikkelingen in de wereld had ze meegemaakt. Toen ze het einde van haar leven voelde naderen, zei ze steeds vaker dat het leven haar steeds stiller maakte, haar steeds meer tot zwijgen bracht.
Na haar dood vond een van haar kinderen op haar kamer een klein boekje met allerlei spreuken en teksten die zij mooi vond. Ik mocht het lezen. Op een van de bladzijdes stond geschreven: ‘Hoe ouder je wordt, des te minder weet je van God, en des te groter wordt het geheim.’
Als wij mensen over God spreken kunnen wij dat niet op een andere wijze doen dan met onze eigen taal. Met woorden die ons vertrouwd zijn, geven wij aan wie God voor ons is en wat Hij voor ons betekent. Dit kan voor
iedereen anders zijn. En vaak wordt God ook in elke (levens)situatie verschillend ervaren. Als we verdrietig zijn ervaren we Hem als iemand die troost geeft of juist niet. Als we het gevoel hebben in een ‘flow’ te zitten, ervaren we God als een Kracht die ons boven onszelf doet uitstijgen. Als we door de natuur wandelen of op reis zijn, kunnen we verwonderd zijn over de schepping en ervaren we God als Alleskunner of Wonderdoener.
Dat het zo is dat God voor iedere persoon anders kan zijn en ook in iedere situatie weer anders kan worden ervaren, geeft al aan dat God niet te vatten is in één of twee namen of woorden. Hij is zoveel tegelijk en altijd zoveel groter en meer dan wij kunnen uitdrukken. Al onze namen en woorden voor God brengen Hem misschien wel wat dichterbij, maar ‘Hij is niet zus of zo, Hij is altijd soms’, zo schreef de dichter Bertus Aafjes.
De diepgelovige vrouw in het verpleeghuis kreeg steeds meer ontzag voor wie God is. Het leven leerde haar om God God te laten zijn: een groot Geheim, een Mysterie. Van haar wijsheid kan ik nog veel leren. Misschien U ook!

 

Astrid van Engeland

 

 

 

Pinksteren

PINKSTEREN
Handelingen der Apostelen 2,1-11; Johannes 20,19-23.

DE GEEST VAN HET BEGIN.
In het begin bracht de Geest
orde in de chaos.
De donkere zeeën van de dood
brachten nieuw leven voort.
De aarde werd een paradijs,
een tuin voor de mensen.

De Geest van het begin
is leven gevend, nieuwe kracht.
Waar mensen verlamd raken
en neerzitten in dorre doodsheid,
daar is Zij opwekkend aanwezig.
Zij tilt mensen uit boven angst
en wordt een bevrijdende kracht.
Ze is er niet brute kracht,
maar een zachte bries,
die verfrist en nieuw leven inblaast.

De Geest van het begin
is ook de drijfveer voor Jezus.
In Hem komt bevrijding en toekomst,
genade en vrede aan het licht.
Daartoe is Hij gezalfd met Geest.
Chaos wordt omgezet
in de droom van het Rijk Gods.

De Geest van het begin
leeft en werkt ook in ons.
Ze is onze inspiratie,
ons zoeken naar leven en geluk.
Ze is onze richting, onze warmte.
Daarom mogen wij voortdurend bidden:
Geest van God,
maak een nieuw begin met ons.

Wim Holterman osfs

7e zondag van Pasen

7e Zondag van Pasen
Handelingen der Apostelen 1,12-14; Johannes 17,1-11a.


IN GODS GEZELSCHAP
Bidden is niet hoog van de toren blazen,
niet een langdradig en moeizaam gebeuren.
Soms is het vragen om kracht bij ziekte
of om een steuntje in de rug bij een examen.
Op een ander moment is bidden een klacht.
“Waarom moest mij dat overkomen?”
“Waarom laat iedereen mij in de steek?”
Bidden is: je levensverhaal
onder Gods ogen brengen.
Het is zoeken naar een oer vertrouwen,
naar een fundament voor je leven.
Maar bidden is ook in stilte verwijlen
bij de harmonie in je eigen leven.
Het doet je dankzeggen voor het goede
dat je zomaar mag ontvangen.
Al biddend worden we ons bewust
van het lijden van mensen, van onze wereld.
Ingekeerd in onszelf gaan ons de ogen open.
De droom van God, dat alles goed is,
wordt voor ons een nieuwe opdracht.
Bidden sluit ons niet af van de werkelijkheid,
maar maakt ons er juist ontvankelijk voor.
In Gods gezelschap mogen we ons goed voelen.
Hij is er voor ons, en wij zijn er voor elkaar.
In Zijn gezelschap krijgt ons leven
echt waarde en telkens zicht op toekomst.

Wim Holterman osfs

Salesiaans Contact December 2025

Het jaar 2025 loopt alweer ten einde. Maar eerst vieren we nog het feest van Kerstmis. Kees Jongeneelen reikt ons wat inspirerende gedachten aan om aan het feest meer diepte te geven in ons leven. Het Mens-worden-van-toen mag voor ons ook mens-worden-voor-nu zijn hopelijk. Ook putten we in dit nummer weer dankbaar uit de pastorale verhalen van Astrid van Engeland.

Wim Holterman osfs

“Wees niet bang”

De komende weken met de Kerstdagen en de Jaarwisseling worden door ons mensen heel verschillend ervaren. Misschien kijk je er wel naar uit en heb je al leuke plannen bedacht om deze dagen in te vullen. Misschien zie je er tegenop als tegen een berg en heeft de gedachte aan de komende feestdagen je de afgelopen weken geplaagd. Want het is net alsof je de laatste weken van het jaar alles veel dieper voelt en de emoties je meer aangrijpen. Misschien ligt er bij jullie ook een pasgeboren kindje in de wieg en voel je daardoor het Kerstfeest meer aan dan andere jaren. Of heb je wellicht het afgelopen jaar de liefde ontmoet in een medemens en ben je dankbaar dat je dit jaar samen bent.
Maar evengoed kan het juist andersom zijn: dat je dit jaar mensen verloren hebt door een breuk in je relatie of door de dood. Misschien ook ga je vanzelf terug in je herinnering en zeg je tegen jezelf: “Vorig jaar waren we nog samen” of “Wat is het toch anders geworden”.
Hoe je ook bent, vredig of triest, gelukkig of verdrietig, ik wens je toe dat je het Licht dichtbij mag voelen. Als het nacht in je is, als je hart meer op een stal dan op een gezellig huis lijkt, als je meer op een dwalende herder uit het kerstverhaal lijkt dan op een eigentijdse wereldburger, als je het gevoel hebt dat er ook voor jou geen plaats is, dan wens ik je toe dat je een stem mag horen, misschien wel uit de hemel, dat je er mag zijn zoals je bent, met je goede en kwade kanten…. Dat je niet bang hoeft te zijn, ondanks alles wat er op je af komt. Want dat hoorden die mensen daar in de nacht van Bethlehem: “Wees niet bang”.


Kribbe en kruis zijn één

In het geboorteverhaal van Jezus staat dat dit het eerste zinnetje was dat de Engelen tegen de mensen zeiden. Terecht, want angst is het dat het diepste in ons verscholen zit. Ook al leef je onbekommerd toch zit er angst in ons: angst voor oorlog, die steeds sterker wordt, angst om te verliezen, angst om ziek te worden. Uiteindelijk de angst om dood te gaan.
Kerstmis moge ons geven dat we die angst in de ogen kunnen zien en dat we diep in ons hart mogen ervaren dat we in onze kwetsbaarheid toch veilig zijn. Dat ons in feite niets kan overkomen zelfs niet als we dood gaan.
Volgens bijbel kenners vertelt het verhaal dat Jezus op een plank in de kribbe lag zoals hij aan het eind op de plank aan het kruis hing. “Het hout van de kribbe is hetzelfde hout als van het kruis”, zeggen ze. Zo worden het begin en het einde van zijn leven met elkaar verbonden.
Voortgekomen uit Gods hand keerde hij terug in Gods hand. En dat geldt dan voor ons allemaal! Dat besef kan je echte vrede brengen. Ik wens je toe dat je die vrede mag ervaren, wellicht door tranen heen.
Leef gelukkig en moedig.
Om het met de woorden van onze patroon Franciscus van Sales te zeggen
“De engel die de geboorte van onze redder aankondigt, zingt voor ons dat hij goed nieuws brengt, een grote vreugde, vrede op aarde en goede wil jegens alle mensen”.

Namens mijn medebroeders wens ik u allen van harte een Zalig Kerstfeest en alle goeds voor het nieuwe jaar.
Ik wil dit onderstrepen met een tekst van Paul van Vliet:
Ik hoop in het nieuwe jaar op mensen
Die bergen verzetten,
Die door blijven gaan met hun kop in de wind.
Ik bid om mensen die risico’s nemen,
Die vol blijven houden met het geloof van een kind.
Ik bid om mensen
Die dingen beginnen
Waar niemand van weet wat de afloop zal zijn.
Ik bid om mensen die met vallen en opstaan
Niet willen weten van water in de wijn.

Pater Wijnand van Wegen
Omdat zelfstandig wonen niet meer verantwoord was is Wijnand in augustus opgenomen in het verpleeghuis ”De Marke” in Huizen. Hij heeft daar een mooie ruime studio.
In november zijn we met de hele communiteit hem op gaan zoeken. Hij kende ons nog bij naam en was zeer verheugd ons te zien.
Dankzij de goede zorgen van zijn nichtje Marloes en Bert Hauptmeier heeft hij heel lang nog zelfstandig kunnen wonen in zijn flat op Naardingerland.
Als u hem een kaartje wil sturen is dit zijn adres:
Verzorgingshuis Cordaan, “ De Marke”
Graaf Wichman 31 A
1276 KA Huizen

Kees Jongeneelen osfs

God blijft een mysterie

In een verpleeghuis ontmoette ik een diepgelovige vrouw met wie ik regelmatig sprak over de betekenis van God in haar leven. Ze was al ver in de negentig. Door ervaring was ze wijs geworden. Van drie van haar kinderen had ze al afscheid moeten nemen. Veel ontwikkelingen in de wereld had ze meegemaakt. Toen ze het einde van haar leven voelde naderen, zei ze steeds vaker dat het leven haar steeds stiller maakte, haar steeds meer tot zwijgen bracht.

Na haar dood vond een van haar kinderen op haar kamer een klein boekje met allerlei spreuken en teksten die zij mooi vond. Ik mocht het lezen. Op een van de bladzijdes stond geschreven: ‘Hoe ouder je wordt, des te minder weet je van God, en des te groter wordt het geheim.’

Als wij mensen over God spreken kunnen wij dat niet op een andere wijze doen dan met onze eigen taal. Met woorden die ons vertrouwd zijn, geven wij aan wie God voor ons is en wat Hij voor ons betekent. Dit kan voor iedereen anders zijn. En vaak wordt God ook in elke (levens)situatie verschillend ervaren. Als we verdrietig zijn ervaren we Hem als iemand die troost geeft of juist niet. Als we het gevoel hebben in een ‘flow’ te zitten, ervaren we God als een Kracht die ons boven onszelf doet uitstijgen. Als we door de natuur wandelen of op reis zijn, kunnen we verwonderd zijn over de schepping en ervaren we God als Alleskunner of Wonderdoener.

Dat het zo is dat God voor iedere persoon anders kan zijn en ook in iedere situatie weer anders kan worden ervaren, geeft al aan dat God niet te vatten is in één of twee namen of woorden. Hij is zoveel tegelijk en altijd zoveel groter en meer dan wij kunnen uitdrukken. Al onze namen en woorden voor God brengen Hem misschien wel wat dichterbij, maar ‘Hij is niet zus of zo, Hij is altijd soms’, zo schreef de dichter Bertus Aafjes.

De diepgelovige vrouw in het verpleeghuis kreeg steeds meer ontzag voor wie God is. Het leven leerde haar om God God te laten zijn: een groot Geheim, een Mysterie. Van haar wijsheid kan ik nog veel leren. Misschien U ook!

Astrid van Engeland

 

Salesiaans Contact April 2026

De tijd vliegt. Alweer een maand voorbij. Een nieuwe lente, een nieuw geluid. Het alleluja van Pasen klinkt nog na, maar dreigt onhoorbaar te worden door het oorlogsgeweld en door de grote mond van machtswellust. Geloven in Pasen mag toch met ons blijven meegaan ondanks alles. Kees Jongeneelen schrijft daar verder over en gebruikt daarbij woorden van Peter Nissen, van Charles Péguy en Franciscus van Sales. De moeite waard!
Voor dit Salesiaans Contact hebben we de flyer van Wilfried Wambeke sdb wat ‘verbouwd’ en aangepast aan ons formaat. Wilfried nodigt mensen uit om onder zijn leiding te gaan in de voetsporen van Franciscus van Sales. Deze reis onder zijn leiding zal zeker voor de deelnemers een onvergetelijke reis zijn. Hieronder vindt u ook de aanmeldformulieren. Van harte aanbevolen.
Veel leesplezier wenst u namens de redactie van dit Contact:

Wim Holterman osfs

DE HOOP NIET VERLIEZEN….

Er gaat geen dag voorbij of we horen of lezen wel over allerlei nare dingen die er op onze wereld gebeuren. Soms zou je denken dat er alleen maar oorlogen, aanslagen en rampen zijn. En ook in ons eigen leven gebeuren dingen die je bestaan helemaal op zijn kop zetten. Te veel om op te noemen. Ik ontmoet nogal eens mensen die zich zorgen maken over de toekomst van zichzelf maar nog meer over die van hun kinderen en kleinkinderen. In wat voor wereld komen die terecht? En hoe zal het verder gaan met het milieu? Je hoort en leest over de opwarming van de aarde en over overstromingen en aardbevingen.

Tegenslagen en ziekte kunnen je doen twijfelen aan de zin van je bestaan. Zelfs als je een rotsvast vertrouwen hebt op God kan in je hart de vraag naar boven komen: “Zou het allemaal wel waar zijn?” Of: “Zou er werkelijk wel iets zijn na mijn dood?” En als je er voor jezelf zeker van bent: ‘dood is dood’ dan nog kan er bij je de gedachte opkomen dat het toch niet allemaal voor niets is en dat alles zinloos is.

We hebben zojuist Pasen gevierd, het feest van nieuw leven, feest van hoop, Het feest van ondanks ……. En toch…..!?
‘Geloven in de verrijzenis van Jezus is geloven in een wereld waarin dood, ellende, oorlog en verdrukking niet het laatste woord hebben’. ‘Het is geloven in een wereld waarin vijanden elkaar liefhebben, waarin de armen gezegend worden, waarin gemarginaliseerde mensen in het middelpunt mogen staan, een wereld waarin verloren dochters en zonen weer welkom zijn thuis. Dat zijn allemaal vormen van verrijzenis, vormen van nieuw leven, vormen van opstanding’. (Peter Nissen: Loslaten en groeien)
Of zoals Charles Péguy het zegt in zijn gedicht ‘De kleine hoop’:
“De hoop, de kleine, wandelt praktisch ongezien, naast haar twee oudere zussen geloof en liefde. Toch sleept zij, de kleine, alles met haar mee. Want geloof ziet slechts wat is. En liefde houdt alleen van wat er is. Maar hoop houdt van wat zal zijn…Zij is degene die er voor zorgt dat de anderen blijven lopen; zij is degene die hen leidt en zorgt dat ze allemaal samen lopen”.
In onze tijd gaan we vaak onze eigen weg wat het geloof betreft. Ik merk dat we meestal maar weinig met elkaar praten over wat er in ons hart omgaat. Zelfs tussen levenspartners komt het soms nog weinig ter sprake. We hebben er vaak geen woorden voor om die levensvragen met elkaar te bespreken. Ze liggen ook zo dicht bij de kern van ons leven dat het zelfs voor onszelf nog onduidelijk is wat er precies in ons omgaat.
Velen hebben het gevoel dat die vragen ook in de kerk niet echt aan bod komen. En dat ze daarom in de loop van de tijd van de kerk zijn vervreemd. Nog al wat mensen hebben het gevoel dat het in de kerk veel te veel gaat over zekerheden en over wat wel of niet mag en dat het te weinig gaat over het leven zelf zoals jij dat beleeft.
Misschien dat de mensen van onze tijd dat nog meer voelen dan de mensen van vroeger. Hoewel de twijfel er ook toen wel was, ook al kwam die toen niet zo uitdrukkelijk aan de orde. Zelfs bij de leerlingen van Jezus was er eentje die dezelfde vragen had als wij in onze tijd. Thomas was het. De “ongelovige Thomas” wordt hij vaak genoemd. Afgelopen weekend hoorden we in de kerk zijn verhaal. “Als ik het niet zie, geloof ik het niet” zei hij. Hij was eigenlijk helemaal niet ongelovig maar wel kritisch en dat mocht ook van Jezus.
Zo zijn er ook in onze tijd heel veel mensen die kritisch staan tegenover de bestaande godsdiensten maar in hun hart echt wel bezig zijn met de zin van het leven en met het wonder van ons menselijk bestaan.
Misschien ben jij ook wel zo’n eigentijdse gelovige. Als ik met die mensen spreek voel ik mij diep met hen verbonden en heb ik er veel respect voor hoe serieus ze met hun leven omgaan. En ook hoe veel mensen omgaan met God. Misschien noem je het geen “God” maar heb je een andere naam daarvoor. Misschien heb je er zelfs niet eens een naam voor omdat je gevoel voor dat Grote en voor die Bron van leven veel groter is dan je in een woord kunt samenvatten. Misschien is die als een Vriend voor je die altijd bij je is of als een licht in je hart of een vlammetje van liefde in je binnenste.
Franciscus van Sales zegt over deze vriendschap: “Houd van iedereen met de liefde van een echte, sterke naastenliefde, maar schenk je vriendschap alleen aan mensen met wie je goede dingen, deugden, kunt uitwisselen. En naarmate de uitgewisselde deugden van grotere waarden zijn, zal ook je vriendschap aan waarde winnen. Maar de beste vriendschap is die waarin de gemeenschappelijke interesse Gods liefde is, de godsvrucht, de christelijke volmaaktheid. Deze vriendschap steekt boven alle andere uit omdat zij van God komt, omdat ze naar God streeft, omdat God er de band van is – en omdat zij eeuwig zal voortduren in God. Hoe goed is het op aarde lief te hebben zoals je het eenmaal in de hemel zult doen, hoe goed reeds hier te leren elkaar liefde te bewijzen zoals je het voor altijd in het hiernamaals zult doen.
Ik spreek hier niet over de gewone naastenliefde die je ter wille van de liefde Gods voor alle mensen moet hebben. Maar ik spreek over de geestelijke vriendschap tussen twee, drie of meer mensen, die elkaar laten delen in hun godsvrucht, in hun geestelijke ervaringen, en die met elkaar één van geest worden. Terecht kunnen zulke gelukkige mensen zingen: “Zie hoe goed het is met zusters en broeders samen te zijn !” (Ps.132,1

Kees Jongeneelen osfs

 

 

 

 

 

 

6 tot en met 12 september 2026
Pelgrimstocht van de Salesiaanse Familie
“Doe alles uit liefde en niet omdat het moet“

Zowel de Oblaten van Sint Franciscus van Sales en de ‘Salesiaanse kringen’ als de Salesianen, zusters en medewerkers van Don Bosco hebben de heilige Franciscus van Sales als hun grote voorbeeld.
Hij is bisschop van Genève en woont in Annecy, een stadje in de Haute Savoie. Hij leeft in een tijd van politieke verwarring en binnen een verdeelde christelijke gemeenschap, want de reformatie is in volle gang.
In 1609 verschijnt zijn meest bekende werk, in het Nederlands vertaald als ‘Inleiding tot het devote leven’. Het boek is ook wel bekend onder de naam van de hoofdpersoon: Philothea. Over die naam schrijft Franciscus: “Ik noem de lezer Philothea, dat wil zeggen de God liefhebbende of op God verliefde ziel. Aanvankelijk heb ik dit boek geschreven voor een enkele ziel, maar nu zal het ook anderen van dienst zijn. Daarom koos ik een passende naam voor iedereen die Gods liefde zoekt.”
De boodschap van dat boek luidt: ‘Om een goed christen te zijn, hoef je niet in een klooster te gaan, dat kun je ook op de plaats waar je woont, werkt en leeft.’ Een revolutionaire uitspraak voor die tijd en voor velen een echte bemoediging. Franciscus van Sales is ook een begaafd geestelijk begeleider. In duizenden brieven is te lezen hoe hij welgemeende raadgevingen vermengt met een hartelijke vriendschap. Franciscus van Sales heeft oog voor de individuele mens. Zijn begeleiding is steeds persoonlijk en op maat. Het motto dat boven al zijn raadgevingen gezet kan worden, is de zin die hij aan Jeanne de Chantal schrijft: “Doe alles uit liefde en niets omdat het moet.” Die liefde is gericht op God en omvat vandaaruit alle mensen.
De allesbepalende gerichtheid op God staat in het teken van de liefde. Met angst, dwang of regeltjes heeft dit godsbeeld niets te maken. God is liefde, de mens is vrucht van deze liefde en het verlangen van mensen om goed te leven staat in het teken van deze liefde.

 

Een reis naar de streek
van de heilige Franciscus van Sales
in en rond de Franse stad Annecy

 

 

Reisdatum
Van zondagochtend 6 september tot zaterdagavond 12 september 2026 (vertrekken vanuit Nederland en via Leuven in Vlaanderen naar Annecy).
Maandag: Thorens-Glières (geboorteplaats) en La Roche-sur-Foron.
Dinsdag: Château des Allinges en Thonon-les-Bains.
Woensdag: Annecy.
Donderdag: Ermitage St.-Germain-sur-Talloires en Chambéry.
Vrijdag: Lyon.

Pelgrimstocht
Het wordt een bijzonder inspirerende week waarbij we ons door reflectie en bezinning laten raken door de ‘salesiaanse spiritualiteit. Op enkele belangrijke plaatsen zullen we samen de eucharistie vieren.

Nuttige info
• Organisator: Don Bosco Vlaanderen vzw – Brussel.
• Reis met comfortabele bus (50 personen).
• In Annecy zijn we 4 nachten in Centre Jean XXIII (www.centrejean23.com). In Lyon (2 nachten) logeren we Domaine Lyon Saint Joseph (www.domaine-lyon-saint-joseph.fr). Op beide plaatsen: één- en tweepersoonskamers.
• Volpension: overnachting en ontbijt, lunchpakket, warm avondmaal.

Begeleiding
Voorbereiding en begeleiding van de reis: p. Wilfried Wambeke, salesiaan van Don Bosco (Pieter Calandlaan 196 te 1069 LA Amsterdam).
Prijs per persoon: 910 euro (990 voor een eenpersoonskamer). Op de kleine persoonlijke uitgaven na, is hierin nagenoeg alles inbegrepen.

Je kan tot 10 juli 2026 aanmelden bij
Kees Jongeneelen: osfs@hetnet.nl of tel. +31 413 289 786 of bij Wilfried Wambeke: wilfried.wambeke@donbosco.nl of tel. +32 495 500 631 voor België en +31 6 12 700 646 voor Nederland.Na de aanmelding zal je een brief ontvangen met verdere info over de definitieve inschrijving en de betaling van een voorschot.

Inschrijving voor de ANNECYREIS van 6-12 september 2026
Wenst u met 2 personen in te schrijven, gebruik dan twee afzonderlijke formulieren.
Duidelijk leesbaar schrijven a.u.b.

NAAM + voornaam: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Straat: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Nummer: . . . . . . .

Postnummer: . . . . . . . Gemeente: . . . . . . . . . . . . . . . .

Telefoon: . . . / . . . . . . . . . . . Gsm: . . . . / . . . . . . . . .

Geboorteplaats: . . . . . . . . . . . Geboortedatum: . . . . . . . .

E-mailadres: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Wenst een éénpersoonskamer:  Ja  Neen

Datum: . . . . . . . . . . Handtekening:

Sturen vóór 10 juli 2026 naar: P. Wilfried Wambeke sdb (wilfried.wambeke@donbosco.nl).

 

Salesiaans Contact maart 2026

Nog maar een maand en we vieren weer Pasen. In deze verwarrende en onrustige tijden hopelijk een baken van hoop. In de woestijn van ons leven en die van onze wereld mogen we op weg gaan: veertig dagen, veertig jaren, ons mensenleven lang. Dit nummer van Salesiaans Contact wil daarbij zijn als een bescheiden oase, een rustpunt om daarna weer verder te gaan. We wensen ons allen een goede tocht.

Wim Holterman osfs

SAMEN GAAN VOOR GOUD                                                                                                                                                                                          Tijdens de Olympische Winterspelen heb ik met veel bewondering gekeken naar ‘onze’ shorttrackteams. Niet alleen omdat ze individueel alsook samen geweldige inspanningen hebben ‘verzilverd’ met gouden medailles. Meer nog dan van hun prestaties heb ik genoten van hun teamgeest. Elke gewonnen medaille – ook op individuele afstanden – werd gevierd als team. Er was een enorme gunfactor. Zowel de mannen- als de vrouwenteams maakten het adagium ‘gedeelde smart is halve smart en gedeelde vreugde is dubbele vreugde’ méér dan waar. Bij verlies hielpen ze elkaar om de knop om te zetten om weer te kunnen gaan voor nieuwe topprestaties. Bij winst werden de teams samen met hun trainers tot één kluwen van feestende sporters. Indrukwekkend en ook emotioneel om te zien! Zelfs hun thuiszittende teamgenoten werden deelgenoot gemaakt van hun winst. Schitterend om te zien hoe sport kan verbroederen. Later las ik in de krant, dat de schaats(t)ers als militairen in Oostenrijk getraind hadden. Daarbij draaide alles om het teambelang. Een training in onderling vertrouwen en jezelf ondergeschikt maken aan het team met een geweldig resultaat!
In diezelfde week hebben ‘we’ Carnaval gevierd.

Mijn ervaringen daarin zijn beperkt. Wel voelde ik tijdens de Carnavalsviering in de kerk van Verbroedering…
Zijtaart een enorme saamhorigheid. Het was één groot feest van verbroedering voor jong en oud, van gedeelde vreugde die verdubbeld werd. Op de zondag na Aswoensdag lazen we in de kerk het verhaal van Jezus in de woestijn. Hij vast daar 40 dagen en 40 nachten. Hij treedt daarmee in de voetsporen van zijn eigen volk, dat 40 jaar – een mensenleven lang – door de woestijn had gezworven. Het is – zou je kunnen zeggen – een stageperiode, een training om de goede richting te vinden in zijn leven. Gaandeweg wordt voor Hem duidelijk, dat niet eer en macht, niet bezit Hem tot een ‘goddelijk’ mens maakt. Die woestijndagen maken Hem duidelijk, dat liefde en respect voor God en mensen aan zijn leven een gouden glans geven. Hij wil een levende Blijde Boodschap zijn van bevrijding en vergeving, van genezing en solidariteit. Daarvoor zoekt Hij zijn mensenleven lang tochtgenoten en bondgenoten om samen de wereld en het leven van mensen mooier te kleuren. Steeds opnieuw zet Hij daarbij de kleine, gewonde mens in het centrum van zijn aandacht.
Voor Frans van Sales heeft vasten eenzelfde dubbele betekenis. Het is voor hem allereerst binnengaan in de woestijn van het eigen hart om vandaaruit de hand te reiken aan zijn naaste. Schijnheiligheid is voor hem uit den boze. Vasten is voor hem ‘inkeer om mekaar’. In zijn Inleiding tot het devote leven’ (I,1) is hij daarin overduidelijk: “Iemand die bij voorbeeld een voorkeur heeft voor streng vasten, acht zich godvruchtig als hij maar goed en stevig vast, ook al druipt zijn hart tegelijkertijd van venijn. Want uit pure matigheid zou hij zijn tong zelfs niet met een druppel wijn of water nat maken, maar hij schrikt er niettemin niet voor terug zijn tong in het bloed van de evennaaste te dopen door zijn lastertaal en kwaadsprekerij. Anderen denken dat zij godvruchtig zijn omdat zij iedere dag een heel kerkboek vol gebeden afratelen, maar daarna gaan zij zich tegenover huisgenoten en buren rustig te buiten aan verschrikkelijke scheldpartijen. Een derde tast bijvoorbeeld wel gemakkelijk en royaal in de geldbuidel om de armen een aalmoes te geven, maar als het er op aan komt om zijn vijanden te vergeven is hij niet thuis.

En weer een ander vergeeft wel zijn vijanden, maar weigert zijn schuldeisers te betalen of hij moet er door de rechtbank toe gedwongen worden. Al deze mensen geloven dat zij heel godvruchtig zijn maar zij zijn het natuurlijk niet. In werkelijkheid echter zijn ze niets meer dan schimmen van de echte godsvrucht. Want de ware, levende godsvrucht veronderstelt op de eerste plaats de liefde tot God; sterker: zij is de liefde tot God maar toch ook weer niet de eerste de beste liefde. Want naarmate de liefde onze ziel verlicht en ons met God verenigt, wordt zij genade genoemd. Naarmate zij ons de kracht geeft om het goede te doen noemen wij haar Liefde Gods. Maar pas wanneer zij tot die graad van volkomenheid is gekomen dat zij ons niet alleen het goede laat doen, maar ons ook dwingt het goede zorgvuldig, ijverig, voortdurend en belangeloos na te streven, dan pas heet zij godsvrucht.”
Veertig dagen, veertig jaren, een mensenleven lang mogen wij ons in die geest een spiegel voorhouden in alle eerlijkheid. We gebruiken in onze tijd wel andere woorden dan onze heilige. Maar zij dagen ons desondanks uit om die mens te worden zoals God ons bedoeld heeft. Hij draagt ons op handen en laat niemand van ons vallen. Wij mogen leven in zijn liefde: individueel maar ook samen. We mogen net als de schaats(t)ers het beste uit onszelf halen en samen blijven kiezen voor het goede. Zo mag onze geleefde spiritualiteit een broedplaats worden voor solidariteit. Deze Veertigdagentijd mag ons scherp houden om ons leven te verzilveren tot een gouden glans.

Wim Holterman osfs

 

God blijft een mysterie
In een verpleeghuis ontmoette ik een diepgelovige vrouw met wie ik regelmatig sprak over de betekenis van God in haar leven. Ze was al ver in de negentig. Door ervaring was ze wijs geworden. Van drie van haar kinderen had ze al afscheid moeten nemen. Veel ontwikkelingen in de wereld had ze meegemaakt. Toen ze het einde van haar leven voelde naderen, zei ze steeds vaker dat het leven haar steeds stiller maakte, haar steeds meer tot zwijgen bracht.
Na haar dood vond een van haar kinderen op haar kamer een klein boekje met allerlei spreuken en teksten die zij mooi vond. Ik mocht het lezen. Op een van de bladzijdes stond geschreven: ‘Hoe ouder je wordt, des te minder weet je van God, en des te groter wordt het geheim.’
In de natuur….

Als wij mensen over God spreken kunnen wij dat niet op een andere wijze doen dan met onze eigen taal. Met woorden die ons vertrouwd zijn, geven wij aan wie God voor ons is en wat Hij voor ons betekent. Dit kan voor iedereen anders zijn. En vaak wordt God ook in elke (levens)situatie verschillend ervaren. Als we verdrietig zijn ervaren we Hem als iemand die troost geeft of juist niet. Als we het gevoel hebben in een ‘flow’ te zitten, ervaren we God als een Kracht die ons boven onszelf doet uitstijgen. Als we door de natuur wandelen of op reis zijn, kunnen we verwonderd zijn over de schepping en ervaren we God als Alleskunner of Wonderdoener.
Dat het zo is dat God voor iedere persoon anders kan zijn en ook in iedere situatie weer anders kan worden ervaren, geeft al aan dat God niet te vatten is in één of twee namen of woorden. Hij is zoveel tegelijk en altijd zoveel groter en meer dan wij kunnen uitdrukken. Al onze namen en woorden voor God brengen Hem misschien wel wat dichterbij, maar ‘Hij is niet zus of zo, Hij is altijd soms’, zo schreef de dichter Bertus Aafjes.
De diepgelovige vrouw in het verpleeghuis kreeg steeds meer ontzag voor wie God is. Het leven leerde haar om God God te laten zijn: een groot Geheim, een Mysterie. Van haar wijsheid kan ik nog veel leren. Misschien U ook!

Astrid van Engeland

 

Foto mei 2026

Mariamaand

6e zondag van Pasen

6e Zondag van Pasen
Handelingen der Apostelen 8,5-8.14-17; Johannes 14,15-21.

LIEFDE ALS BRON
Niet haat of nijd,
niet vijandschap of eigenbelang
maakt een mens tot mens.
Niet wat iemand bezit
of de functie die iemand bekleedt,
maakt een mens tot mens.
Je bent pas echt iemand,
als er liefde in je groeit,
als je leeft vanuit liefde
voor God, mens en wereld.
Liefde is als een bron
met een overvloed aan energie.
Zij geeft kracht
om boven jezelf uit te stijgen.
Door haar worden je grenzen verlegd.
Anderen en ook dè Ander
kunnen bij je binnen komen.
Zij raken je aan
om te zien door hun ogen.
Door hen worden je woorden
in daden omgezet.
Er komt ruimte in je vrij
om nieuwe wegen te gaan,
wegen van solidariteit,
van vrede en geluk.
Liefde voor God en mens
is een onuitputtelijke bron
van weldadige energie.

Wim Holterman osfs

5e zondag van Pasen

5e Zondag van Pasen
Handelingen der Apostelen 6,1-7; Johannes 14,1-12.

IN DE RUIMTE VAN GODS LIEFDE
De God van Israël laat zich
steeds weer zien als een bevrijdende God.
Hij leidt mensen weg uit hun benarde situatie;
Hij biedt perspectief en toekomst aan.
Samen met hen gaat Hij op weg
naar een nieuw land.
Maar daarvoor moet zijn volk
wel eerst de woestijn door.
Hij biedt het niet aan
in een mooie geschenkverpakking.
Hij wijst richting,
zelf moet het de weg gaan.

Jezus is het spiegelbeeld van God.
“Wie Mij ziet, ziet de Vader”.
Hij zegt zijn mensen nog eens aan,
dat er ruimte is voor velen
in het huis van Zijn Vader.
Dat geldt voor nu en voorgoed.
Metterdaad laat Hij dit zien:
voor allen spreekt Hij zijn bevrijdend woord
en geeft hen nieuwe levenskansen.
Hij spreekt zelfs van leven
over de doodsgrens heen.

Wij worden uitgenodigd die weg te gaan:
een weg van bevrijding en leven.
Meer nog: het wordt onze taak
om in navolging van Hem zorg te dragen
dat er ruimte is voor iedereen;
dat niemand geknecht mag worden.
Wij mogen waarmaken,
dat iedereen mag leven
in de ruimte van Gods liefde.

Wim Holterman osfs